Visie van professor Martin Pall over stikstofmonoxide

De Amerikaanse biochemicus Martin L. Pall ontwikkelde de zogeheten NO/ONOO-cyclus-theorie. Volgens deze hypothese spelen stikstofmonoxide (NO) en peroxynitriet (ONOO⁻) een centrale rol in een zelfversterkende biochemische cyclus die chronische ontsteking en verschillende ziekten kan veroorzaken.

Kern van de theorie

  • NO kan reageren met superoxide en zo peroxynitriet (ONOO⁻) vormen, een sterk oxidatiemiddel.
  • Dit veroorzaakt oxidatieve en nitrosatieve stress en activeert meerdere processen zoals ontstekingssignalen, mitochondriale schade en verhoogd calcium in cellen.
  • Deze processen versterken elkaar, waardoor een vicieuze cirkel ontstaat (de NO/ONOO-cyclus).

Elementen van de cyclus (vereenvoudigd)

  • stikstofmonoxide (NO)
  • superoxide
  • peroxynitriet (ONOO⁻)
  • oxidatieve stress
  • ontstekingscytokinen
  • mitochondriale disfunctie
  • verhoogd intracellulair calcium
  • activatie van NMDA-receptoren
  • verstoring van BH4 en NO-synthase

Deze factoren versterken elkaar en houden de cyclus in stand.

Ziekten die Pall ermee in verband brengt

  • chronisch vermoeidheidssyndroom (ME/CFS)
  • fibromyalgie
  • multiple chemical sensitivity (MCS)
  • post-traumatische stress
  • sommige cardiovasculaire aandoeningen

Ontstaan volgens de hypothese

  • Een initiële stressor (infectie, toxische stoffen, trauma) verhoogt NO-productie.
  • NO reageert met superoxide → peroxynitriet.
  • De ontstane oxidatieve stress activeert opnieuw dezelfde processen, waardoor de cyclus blijft draaien.

Therapeutisch idee in de theorie

Behandelingen zouden gericht moeten zijn op het verlagen van de NO/ONOO-cyclus, bijvoorbeeld door antioxidanten of middelen die oxidatieve stress en ontsteking verminderen.