Tailleomvang kan vroege aanwijzing zijn voor cognitieve achteruitgang bij vrouwen

Een nieuwe studie, gepubliceerd in Menopause, het tijdschrift van The Menopause Society, wijst erop dat vetophoping rond de taille bij vrouwen in de overgang en na de menopauze samenhangt met een verhoogd risico op cognitieve achteruitgang. Onderzoekers uit Cleveland onderzochten meer dan 700 vrouwen tussen 42 en 58 jaar, tot drie jaar na hun natuurlijke menopauze. De resultaten tonen dat vrouwen met een hogere taille-heupverhouding slechter presteerden op cognitieve tests, met name op het gebied van aandacht en executieve functies.

Vet in de buikholte – het zogenoemde visceraal vet – staat al langer bekend als risicofactor voor diabetes, hoge bloeddruk, hart- en vaatziekten en dementie. De combinatie van dalende oestrogeenspiegels en toegenomen ontstekingsprocessen na de menopauze lijkt ook de hersenfunctie te beïnvloeden.

Hoewel hormoontherapie in dit onderzoek geen invloed had op de relatie tussen buikvet en cognitieve prestaties, benadrukken de auteurs dat vroege preventie essentieel is. “Het aanpakken van beïnvloedbare risicofactoren vóór de overgang is cruciaal om gezondheid en zelfstandigheid op latere leeftijd te behouden,” zegt dr. Monica Christmas, medisch directeur van The Menopause Society. “Preventieve leefstijlstrategieën vóór de menopauze leveren langdurige gezondheidswinst op en verminderen ziekte en sterfte.”

De studie, getiteld Association between central adiposity and cognitive domain function in recently postmenopausal women, maakt deel uit van de KEEPS-Cog substudie van de Kronos Early Estrogen Preventive Study.