Mannen met een te laag of te hoog testosterongehalte hebben mogelijk een verhoogd risico op boezemfibrilleren, een veelvoorkomende hartritmestoornis die de kans op een beroerte vergroot. Dat blijkt uit een wetenschappelijk literatuuroverzicht gepubliceerd in het Journal of the Endocrine Society.
Volgens de onderzoekers is het risico waarschijnlijk het laagst bij testosteronwaarden in het midden van het normale bereik. Zij adviseren daarom om testosterontherapie zorgvuldig af te stemmen op de individuele patiënt en regelmatig te controleren. Een testosteronwaarde van ongeveer 350 tot 550 ng/dL zou mogelijk het gunstigst zijn, al moet dit nog in klinisch onderzoek worden bevestigd.
Zowel een tekort als een overschot aan testosteron kan via verschillende biologische mechanismen de elektrische activiteit van het hart verstoren. Vooral bij mannen van middelbare en oudere leeftijd die testosteronvervangende therapie krijgen, is voorzichtigheid geboden. De onderzoekers adviseren daarnaast aandacht voor risicofactoren zoals overgewicht, slaapapneu, hoge bloeddruk en alcoholgebruik.
Ook regelmatige controle van het hartritme, de bloeddruk en bloedwaarden is belangrijk. Onderzoeker Rajat S. Barua benadrukt dat niet alleen de beslissing om testosteron voor te schrijven telt, maar ook de dosering en de gewenste bloedspiegel. De bevindingen zijn gebaseerd op bestaande onderzoeken en tonen nog geen direct oorzakelijk verband aan. Meer onderzoek is nodig om vast te stellen welke testosteronwaarden daadwerkelijk het veiligst zijn voor het hart.
Bron: Journal of the Endocrine Society – Association of Testosterone and Testosterone Replacement Therapy with Atrial Fibrillation: An Updated Review.
