Kerstboodschap 2025 – Hans Zevenboom

Kerstboodschap 2025

Het loopt weer tegen Kerstmis 2025 en overal horen we zingen over ’Vrede op aarde’. ‘Vrede op aarde’ en ‘Ere zij God’; een klein zinnetje dat we nogal eens horen zeggen of zelfs gedachteloos uitspreken in deze decemberdagen.

Deze boodschap is voor hen bedoeld die niet tevreden zijn met de wereld zoals die nu is.

Vele boodschappers – Confucius, Lao-tse, Boeddha, Mohammed, Mozes, Krishnamurti, de Dalai Lama, Sai Baba, Jezus en nog talloze anderen – hebben eeuwenlang dan ook getracht toegang te krijgen tot ons hart. Zij beseften terdege dat met een ‘open hart’ je toegang had tot God, Allah, de Onvoorwaardelijke Liefde, |Al-Wat-Is| of geef er een naam aan, en dat er dan géén afscheiding bestond tussen jouw hart en God of |Al-Wat-Is|. De tijd van vereniging en hereniging met God stond dán voor de deur. Maar vele boodschappers wisten ook dat wij veel te veel aandacht geven aan de ervaringen van onze zintuigen, dat ten koste van ons innerlijk zicht gaat. Je innerlijke overtuiging weet bijvoorbeeld dat een roos meer is dan een bloem, aangezien hij een aangename geur verspreidt en fluweelzachte blaadjes heeft. Alleen afgaan op zintuigelijke gegevens schept dus een wereld van verschijnselen die uiteindelijk illusies blijken te zijn. Wanneer onze ogen alleen de kleuren van de bloem zien die ze voor zich hebben, zijn ze gedoemd blind te worden voor wat er áchter de wereld van deze verschijningsvormen ligt. Evenzo verliezen we onze eigen scheppende kracht wanneer we ons niet bewust zijn van wat er achter alle scheppingsdaden schuilgaat!
Als je dus gevangen bent in een geloof dat het streven naar zintuigelijke bevrediging het doel van het leven is, zul je in beslag genomen worden door de ‘wedloop’. De wedloop van het hunkeren naar steeds meer en meer en dat is een verspilling van energie, omdat er nooit genoeg van is. Je kunt niet op een plek van vrede en innerlijke voldoening arriveren wanneer je hele bestaan wordt gedreven door hunkering, door het gevoel niet genoeg te hebben en steeds maar meer en meer wilt hebben. Laat daarom anderen opgaan in de wedloop als zij daarvoor kiezen, terwijl jij je tijd neemt om je aandacht te verschuiven naar het ‘niets’ – de innerlijke leegte -, dat je essentie is. Sta stil bij de paradoxale term ‘niet-zijn’, terwijl jij je eigen zijn in relatie tot die ander(en) overpeinst.

‘Energie verspillen om zeldzame objecten te verwerven, hindert alleen je spirituele groei’

En juist die vereniging met alle anderen en met elk wezen leidt tot het besef, dat wij allemaal één en gelijk(waardig) zijn. ‘Je bent niet hoger of beter dan die ander; je hebt alleen maar meer geïncarneerde levenservaringen opgedaan’. Dat – wij zijn allemaal kinderen van God en dus ‘gelijk’ – is de enige boodschap van God en van alle boodschappers die er echt toe doet. Het is de enige boodschap die er is. Al het overige in het leven is een weerspiegeling van deze boodschap. Al het andere straalt dat uit. Het feit dat wij tot dusver niet in staat zijn gebleken deze boodschap te ontvangen en weten te integreren in ons dagelijkse bestaan, heeft alle ellende, alle zorgen, elk conflict en alle hartenpijn in onze ervaring veroorzaakt. Het heeft elke moord, elke oorlog, elke ver-krachting en beroving, elke aanranding en aanval – mentaal, verbaal en fysiek – veroorzaakt. Het heeft elke ziekte en ieder ongemak en elke ontmoeting met wat de dood wordt genoemd veroorzaakt. Dit heeft veroorzaakt dat wij de allergrootste illusie bij ons ‘dragen’; dat wij de gedachte hebben dat wij niet één zijn. En omdat wij deze illusie hebben omhelsd, zijn er talloze illusies de afgelopen eeuwen ‘bijgekomen’ die wij heden ten dage krachtig in stand houden. Wij hebben al die vele mythen – culturele verhalen – blindelings geaccepteerd. Sommigen accepteerden niet alles, maar wij accepteren hoe dan ook allemaal een deel ervan. En wij accepteren deze uitspraken als de geldende werkelijkheid. Niet omdat ze onze diepste innerlijke wijsheid weerspiegelen, maar omdat iemand ze ons heeft verteld dat ze waar zijn! Tot op zekere hoogt hebben wij onszelf wijsgemaakt dat je ‘ze’ moet geloven. Dit wordt ook wel zelfbedrog genoemd. Maar nu is het moment om afstand te nemen van dit zelfbedrog en plaats in te ruimen voor reële dingen.

‘Wees in vrede, rust en harmonie met alles wat bestaat’. [Confucius]

Je zult je eerst los moeten maken van de ‘kudde’, van wat je altijd als normaal hebt gezien. Begrijpen dat alles wat je geleerd hebt in het leven slechts eigen- en groeps-belangen dient. Dat je leven, gedreven door ijdelheid en egoïsme, tot nu toe een vergissing of illusie is geweest en dat je niet geleefd hebt zoals je had kunnen leven. Je moet je karakter (je persoonlijkheid of ‘geest’) veel meer zien als aangeleerd gedrag en begrijpen dat je alleen maar mens bent. Dan zie en ervaar je overal om je heen hoe alle mensen een toneelspel spelen, getooid met de maskers van hun karakter, beroep, religie en andere groepsmaskers op. Je kunt je niet voorstellen dat zij dát niet zien. Het brengt je in verwarring als je je realiseert dat je meer weet en begrijpt dan alle ‘groten der aarde’. Maar je weet ook dat je niets meer hoeft te weten. Want als je jezelf kent, weet je dat kennis (het verstandelijk denkvermogen, de ‘geest’) alleen nodig is voor een leven in de maatschappij en om die kennis uiteindelijk te ontzenuwen.

Zing je ook nog na de feestdagen ‘Ere zij God’ en ‘Vrede op aarde en een Welbehangen’? Staan al je zintuigen en emoties wel ‘open’ om je passie waar te kunnen nemen. Laat je iets dat je ervaart of overdenkt echt zintuigelijk en emotioneel ‘landen’ in je bewustzijn, of neem je het alleen cognitief waar? Voel je de ervaring, of denk je er alleen over na?
Daarin zit het verschil tussen het wel of niet vinden van de eerste vonken van je passie!

‘De voornaamste eigenschap van geluk is vrede, innerlijke vrede.
Wie zelf geen innerlijke vrede kent, zal ook in de ontmoeting met andere mensen geen vrede vinden; en nooit kunnen er vreedzame betrekkingen tussen enkelingen of tussen ganse volkeren tot stand komen, zolang men dat niet beseft’.
[Dalai Lama]

Hans Zevenboom