Studie - glucose-fructose siroop
zorgt voor aanzienlijke gewichttoename en verhoging circulerende bloedvetten
Een zoet probleem: Onderzoekers van de
Princeton Universiteit tonen aan dat maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog
fructose gehalte een directe en aanzienlijke bijdrage leveren aan gewichtstoename.
Een onderzoeksteam van de Princeton
Universiteit heeft aangetoond dat niet alle zoetigheid evenveel bijdraagt aan
gewichttoename: Ratten met toegang tot een maissiroop (glucose-fructose siroop) met een
hoog fructosegehalte ontwikkelden beduidend meer gewicht dan degenen die toegang hadden
tot tafelsuiker, zelfs wanneer hun complete calorie-inname hetzelfde was.
In aanvulling op een aanzienlijke
gewichttoename bij laboratorium dieren, leidt de lange termijn consumptie van maissiroop
(glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte tot een abnormale toename van
lichaamsvet, vooral in het buikgebied en een verhoging van de circulerende bloedvetten de
zogenaamde triglycerides.(een suiker-vetverbinding wat aan de basis staat voor
arteriosclerose en hart- en vaatziekten). De onderzoekers zeggen dat hun werk licht laat
schijnen op de factoren die bijdragen aan de trend van vetzucht (obesitas) in de Verenigde
Staten.
"Sommige mensen beweren dat maissiroop
(glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte niet anders is dan andere
zoetmakers als het gaat om gewichtstoename en vetzucht, maar onze resultaten maken
duidelijk dat, dat niet waar is althans niet onder de condities van onze testen,"
zegt de Professor in de psychologie Bart Hoebel, die is gespecialiseerd in
neurowetenschappen betreffende appetijt, gewicht en suiker verslaving. "Wanneer
ratten een maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte drinken, ver
boven dat van priklimonade, dan worden ze vetter - ieder afzonderlijk in alle
categorieën. Zelfs bij ratten die gevoed worden met een hoog vetgehalte dieet zie je het
niet; die nemen niet allemaal toe in gewicht."
Een onderzoeksteam van de Princeton
Universiteit, inclusief (van links naar rechts) bachelor student Elyse Powell, Professor
in de Psychologie Bart Hoebel, de bezoekende onderzoeksdeelnemer Nicole Avena en master
student Miriam Bocarsly, hebben aangetoond dat ratten met toegang tot maissiroop
(glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte -- een zoetmaker die in de meeste
gangbare priklimonades zit - een duidelijkere gewichtstoename hebben dan wanneer het water
gezoet wordt met tafelsuiker, zelfs wanneer ze hetzelfde aantal calorieën innemen. Hun
onderzoek kan belangrijke gevolgtrekkingen hebben voor het begrijpen van de trend in
vetzucht in de Verenigde Staten ( Foto: Denise Applewhite)
In de resultaten die online op 19 maart
2010 gepubliceerd zijn in het tijdschrift "Pharmacology, Biochemistry and
Behavior", rapporteren de onderzoekers van de Faculteit Psychologie en het Princeton
Neurowetenschaps Instituut twee experimenten die de verbinding onderzoeken tussen de
consumptie van maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte en
vetzucht.
De eerste studie toont aan dat mannelijke
ratten die water krijgen dat gezoet wordt met maissiroop (glucose-fructose siroop) met een
hoog fructose gehalte als aanvulling op een standaard dieet voor ratten een grotere
gewichtstoename hadden dan mannelijke ratten die water kregen dat gezoet werd met
tafelsuiker of sacharose, in samenwerking met een standaard dieet. De concentratie van
suiker in water met de tafelsuiker oplossing was hetzelfde als die gevonden werd in enkele
commerciële softdrinks, terwijl de maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog
fructose gehalte half zo geconcentreerd was als de meeste priklimonades.
Het tweede experiment - de eerste lange
termijnstudie op het effect van consumptie van maissiroop (glucose-fructose siroop) met
een hoog fructosegehalte en vetzucht bij laboratorium dieren - volgde gedurende zes
maanden de gewichtstoename, lichaamsvet en het niveau van triglyceride in ratten die
toegang tot maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog fructosegehalte hadden. In
vergelijking met dieren die alleen ratten eten aten toonden ratten met een dieet rijk aan
maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog fructosegehalte karakteristieke tekenen
van een gevaarlijke conditie die bij mensen bekend staat als het "metabolisme
syndroom" (een chronische stofwisselingsstoornis die kan leiden tot hart- en
vaatziekten), inclusief een abnormale gewichtstoename, een duidelijke verhoging van de
circulerende triglyceriden, een vermeerdering van vetafzetting, vooral ingewandsvet rond
de middel. Mannelijke ratten vooral, namen in grootte toe als een ballon: Dieren met
toegang tot maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog fructosegehalte namen 48%
meer in gewicht toe dan degenen die een normaal dieet aten.
"Deze ratten kregen niet alleen meer
vet; ze vertonen eveneens de karakteristieken voor vetzucht inclusief een belangrijke
vermeerdering van buikvet en de circulatie van triglycerides," vertelt de bachelor
student Miriam Bocarsly. "Bij mensen staan deze karakteristieken bekend als de
risicofactoren voor hoge bloeddruk, aandoeningen van de kransslagader, kanker en
suikerziekte." In aanvulling op Hoebel en Bocarsly, voegde het onderzoeksteam de
bachelor student Elyse Powell (Princeton Universiteit) en bezoekend onderzoeksdeelnemer
Nicole Avena toe, die was aangesloten bij de Rockefeller Universiteit gedurende de studie
en die nu studeert aan deze Faculteit van de Universiteit van Florida. De Princeton
onderzoekers vermelden dat ze nog niet weten waarom ratten die gevoed worden met
maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte meer triglycerides
genereren en meer lichaamsvet dat resulteert in vetzucht.
Wanneer mannelijke ratten water kregen
gezoet met maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte in
aanvulling op hun standaard ratten dieet namen deze dieren meer toe in gewicht dan
mannelijke ratten die water kregen gezoet met suiker water of tafelsuiker samen met hun
standaard dieet. De concentratie van suiker in de tafelsuikeroplossing was hetzelfde als
die men aantreft in enkele commerciële soft drinks, terwijl de maissiroop
(glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte half zo geconcentreerd was als de
meeste priklimonades, inclusief de sinaasappellimonade die hier getoond wordt. (Foto:
Denise Applewhite)
maissiroop (glucose-fructose siroop) met
een hoog fructose gehalte en tafelsuiker bevatten beiden componenten van enkelvoudige
suikers (fructose en glucose)(suikers die direct in het lichaam worden gebruikt), maar er
zijn tenminste twee duidelijke verschillen tussen hen. Ten eerste, tafelsuiker is een
samenstelling van gelijke delen van deze twee enkelvoudige suikers - het is 50% fructose
en 50% glucose - maar het typische maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog
fructose gehalte gebruikt in deze studie vertoont een lichte onbalans in ratio, bevattende
55% fructose en 42% glucose. Grotere suikermoleculen genaamd hogere suikers vullen de
resterende 3% in de zoetmaker aan. Ten tweede, als effect op het fabrieksproces van
maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte, zijn de
fructosemoleculen in de zoetmaker vrij en ongebonden en klaar voor absorptie en gebruik.
In tegenstelling tot elke fructosemolecule in tafelsuiker dat voortkomt uit rietsuiker of
suikerbiet die gebonden is aan een corresponderende glucose molecule en die een extra
stofwisselingsstap moet maken voordat het gebruikt kan worden in het lichaam.
Dit creëert een fascinerend raadsel. De
ratten in deze Princeton studie werden vet door het drinken van maissiroop
(glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte maar niet van het drinken van
tafelsuiker. De kritieke verschillen in appetijt, stofwisseling en genen expressie die
berusten op deze fenomenen moeten nog ontdekt worden, maar kunnen relateren aan het feit
dat een buitensporig gebruik van fructose, tijdens het stofwisselingsproces, omgezet wordt
in vet terwijl glucose hoofdzakelijk gebruikt wordt voor energie of wordt opgeslagen als
een koolhydraat genaamd glycogeen in de lever en de spieren.
Sinds de introductie, 40 jaar geleden van
de kosten effectieve zoetmaker in de Amerikaanse voeding -- maissiroop (glucose-fructose
siroop) met een hoog fructose gehalte - is de vetzucht explosief gestegen volgens het
Centra voor Ziekte Controle en Preventie (CDC). In 1970, had ongeveer 15% van de bevolking
van Amerika de definitie vetzucht; vandaag de dag ruwweg 1/3 deel (33,33%) van de
Amerikaanse volwassenen wordt beschouwd als vet, rapporteert het CDC. maissiroop
(glucose-fructose siroop) met een hoog fructose gehalte komt men tegen in een grote
variëteit van voedselproducten en drinken, inclusief vruchtensappen, frisdrank,
graanproducten zoals muesli, brood, yoghurt, ketchup en mayonaise. (N.B.In Amerika wordt
veel suiker en vet toegevoegd aan brood en suiker aan bijna elk product in tegenstelling
tot Europa) Gemiddeld consumeren Amerikanen 27,216 kg zoetmakers per jaar, per persoon (60
pound x 453,6 g).
"Onze bevindingen onderschrijven de
theorie dat bovenmatige consumptie van maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog
fructose gehalte dat in vele dranken te vinden is, een belangrijke factor kunnen zijn voor
een vetzucht epidemie," aldus Avena.
Dit nieuwe onderzoek completeert een vorig
onderzoek geleid door Hoebel en Avena en toont aan dat tafelsuikers verslavend kunnen zijn
en een effect hebben op de hersenen gelijk aan het misbruik van sommige drugs.
In de toekomst, wil het onderzoeksteam
onderzoek doen naar hoe dieren reageren op de consumptie van maissiroop (glucose-fructose
siroop) met een hoog fructose gehalte in samenwerking met een hoog vetgehalte dieet - het
equivalent van typische snelle maaltijden voedsel zoals een hamburger, patat en frisdrank
- en in hoeverre overmatig gebruik van maissiroop (glucose-fructose siroop) met een hoog
fructose gehalte bijdraagt aan ziektes die geassocieerd worden met vetzucht. Een andere
vervolgstap zal een studie zijn om te onderzoeken hoe fructose de werking van de hersenen
beïnvloedt in het controleren van de appetijt (trek).
Het onderzoek werd gesponsord door de U.S.
Public Health Service.
Link
Vertaald door Pauline Laumans