Nieuws 16 juni 2009
Licence to kill van artsen, de
enige reden om ADHD als een ziekte uit te vinden
Omdat het pedagogisch comfort niet met een
aspirientje, maar met een toxicomanie moest bekomen worden, stelde men artsen aan als
dealers van een legale amfetamine-en cocaïnetoxicomanie. De prijs die daarvoor betaald
wordt, valt onder de omerta van diezelfde artsen. Immers, toen vanaf 1920 de psychiatrie
maatschappelijk instond voor het vernietigen van levensonwaardige levens, bedacht de
medische wetenschap de propere techniek die nu wordt aangewend.In de beginjaren werden de
sukkelaars nog door de psychiaters zelf in de gaskamers geduwd. (Het Duitse T4 project).
Voortaan worden ze behandeld met een
toxicomanie die hun zenuwstelselsels zodanig verwoest, waardoor ze kunnen moorden,
zelfmoorden en zelfs doodvallen aan de zogenoemde 'aangeboren hartziekten'.
De propere handen van nu.
En hoe daarom een nieuwe ziekte werd
uitgevonden, staat op nieuwsbrief 91
Link
Fernand Haesbrouck
Diabetes, pesticiden en
milieuvervuiling
Een andere groep giftige stoffen die de
diabetes-epidemie wellicht aanwakkert is de groep van de POPs, de persistent organic
pollutants. Dit zijn chemische stoffen in het milieu, die moeilijk afbreekbaar zijn en die
zich via de voedselketen in levende organismen ophopen:dioxines, polychloorbifenylen
(pcbs), dichloordifenyldichloorethyleen(DDE, het belangrijkste afbraakproduct van
DDT), transnonachloor, hexachloorbenzeen en de hexachloorcyclohexanan.
Link
Jochem
De nieuwste graancirkel
Link
Rob Greuter
Dieet na een stressvolle periode
Indien iemand langdurig bloot heeft gestaan
aan spanning en stress, dan neemt de overgevoeligheid voor bepaalde voedingsmiddelen toe.
De voeding die hierna is beschreven, veroorzaakt de meeste problemen. Om nu het lichaam
tijdens de herstelperiode rust te geven om de echte problemen op te lossen, moeten we deze
voeding vermijden. De gevoeligheid voor problemen zal in de loop der tijd afnemen, maar
nooit geheel verdwijnen. Men blijft meestal wel wat gevoelig.
Link
Petra Versteegh
Voortgang in onderzoek naar nieuwe
generatie schonere vliegtuigmotoren
Om brandstofverbruik en CO2 uitstoot te
verminderen wordt door de luchtvaartindustrie gewerkt aan motoren met contraroterende
propellers. Hiermee levert de luchtvaartindustrie een bijdrage aan het beperken van het
broeikaseffect en de kosten voor luchtvaartmaatschappijen. Er is dan ook veel
belangstelling vanuit de luchtvaartindustrie voor deze propelleraandrijving, de zogeheten
Contra Rotating Open Rotor (CROR).
Vanuit de luchtvaartindustrie wordt serieus
gekeken naar de mogelijkheden om in 2020 de volgende generatie vliegtuigen uit te rusten
met de CROR. De CROR geeft een rendementsverbetering van 20% ten opzichte van huidige
generatie straalmotoren. Deze verbetering wordt verkregen door contraroterende
propellerbladen, twee rijen bladen die achter elkaar staan en in tegengestelde richting
draaien. Hierdoor gaat minder energie verloren dan bij bestaande propellers.
In tegenstelling tot bestaande propeller
vliegtuigen, kunnen door CROR voortgestuwde vliegtuigen bijna even snel vliegen als de
huidige generatie straalvliegtuigen. Dit is mogelijk doordat rechte propellerbladen
vervangen zijn door sikkelvormige bladen.
De CROR technologie heeft ook aspecten waar aanvullend onderzoek voor nodig is. Door het
ontbreken van een absorberend motoromhulsel, zoals bij een conventionele straalmotor,
produceren deze open rotor motoren een ander geluid dan mensen gewend zijn bij
straalmotoren.
Het NLR heeft veel ervaring met
propellervoorstuwing en assisteert de vliegtuigbouwindustrie bij het ontwikkelen van de
CROR. Het NLR ontwikkelt testfaciliteiten voor de CROR en rekenmethodieken om de
geluidsproductie, trillingen en het rendement te voorspellen. Verschillende prototypes
zijn uitgetest in de grote windtunnel van de Duits Nederlandse Windtunnel (DNW) in
Marknesse. Daarnaast draagt het NLR bij aan een onderzoek naar welk effect een afbrekend
propellerblad heeft op de romp van een vliegtuig door de afwezigheid van een
motoromhulsel.
Het NLR kan als enige
luchtvaartlaboratorium in Europa geschaalde propellerbladen van koolstofcomposiet maken
voor windtunnel tests. Dankzij de mogelijkheid om de koolstofvezels in een bepaalde
richting te plaatsen, is het mogelijk minder trillingen te veroorzaken dan met de
traditionele metalen bladen. Ook is het NLR gespecialiseerd in de ontwikkeling van
roterende balansen. Dit zijn geavanceerde meetinstrumenten die voortstuwingskrachten meten
tijdens windtunneltests. Met deze roterende balansen kunnen krachten op de motormodellen
nauwkeurig gemeten worden.
Afvallen gaat sneller met vitamine
D
"Als vitamine D inderdaad het afvallen
vergemakkelijkt als je op een dieet gaat, dan zou het bestrijden van de gebrekkige
vitamine D-status bij het grootste deel van de bevolking kunnen helpen bij de bestrijding
van de vetzuchtepidemie", zegt dr. Shalamar Sibley van de University of Minnesota.
Link
ANBO blij met instellen bijzondere
leerstoel Oude en nieuwe media
Initiatiefnemer ANBO is verheugd met de
benoeming van dr. Eugène Loos op de bijzondere leerstoel Oude en nieuwe media in een
vergrijzende maatschappij aan de Universiteit van Amsterdam. Eugène Loos richt zich in
zijn onderzoek op toegankelijke informatievoorziening voor senioren. ANBO hecht veel
belang aan vergroting van die toegankelijkheid. Nu informatievoorziening en het aanbieden
van diensten steeds meer digitaal plaatsvindt, wordt duidelijk dat ouderen geen homogene
groep vormen. Leeftijd, opleiding en achtergrond speelt bij ouderen een cruciale rol. De
vergrijzing van de samenleving en de interesse van de doelgroep onderstrepen het belang
van gebruiksvriendelijke websites. Recent gaf driekwart van de vijftigplussers aan niet
meer zonder internet te kunnen. Eind 2008 hadden ruim 1 miljoen Nederlanders thuis geen
internet. Ongeveer de helft was 65-plusser en/of alleenstaand. Tweederde van de personen
zonder thuistoegang was relatief laag opgeleid.
Premies autoverzekeringen 10%
gestegen in 1 jaar
Na een jarenlange premiedaling zijn de
premies voor autoverzekeringen al een tijdje fors aan het stijgen. De premies lagen in mei
2009 gemiddeld 10% hoger dan in mei 2008. Independer.nl houdt sinds augustus 2006 een
premie-index bij voor autoverzekeringen. Vorig jaar mei stond de premie-index op 69. Ten
opzichte van augustus 2006, toen de index op 100 werd gesteld, betekende dat een daling
van de verzekeringspremies met maar liefst 31%. Na mei 2008, het dieptepunt van de
premiedalingen, leken de premies zich te stabiliseren. Maar sinds begin 2009 zijn ze weer
flink aan het stijgen. De index stond in mei op 76.
Volgens het Centrum voor
Verzekeringstatistiek (CVS) lag de gemiddelde premie in het vierde kwartaal 2008 op 439
euro. Op basis van de Independer premie-index lag de gemiddelde premie in mei 2009 op 461
euro.
Al zeven autoverzekeraars hebben dit jaar
hun premies verhoogd. London Verzekeringen deed dit als eerste en al snel volgden de
anderen: Noordhollandsche van 1816, Klaverblad, Unigarant, ASR (Fortis), Reaal en als
laatste nu ook Avero. Reden voor de premieverhogingen zijn de toegenomen schadelast en het
feit dat door de kredietcrisis verzekeraars zich meer op marge en winst en minder op groei
van het marktaandeel richten.
De gemiddelde premie bij Independer.nl.
bedroeg in mei 356 euro. Mensen die dus al een jaar bij dezelfde verzekeraar zitten,
kunnen nog altijd ruim 100 euro besparen. Tot een jaar terug daalden de premies. Voor
mensen die al langer niet zijn geswitched van verzekering ligt de mogelijke besparing
daarom nog veel hoger.
Oprotpremie bestuurders
Philadelphia moet terug
De ontslagvergoeding die de ontslagen
bestuurders van Philadelphia hebben gekregen moet worden teruggehaald. Dit zegt
SP-Kamerlid Renske Leijten naar aanleiding van het bericht in de Volkskrant dat de twee
bestuurders samen 5 ton hebben aan vergoedingen hebben meegekregen. Leijten wil
staatssecretaris Bussemaker hierover aan de tand voelen tijdens het wekelijkse
vragenuurtje.
Renske LeijtenDe twee bestuurders van
Philadelphia waren gedwongen om op te stappen nadat bleek dat zij Philadelphia via
vastgoedavontuurtjes op de rand van een faillissement hadden gebracht, aldus
Leijten. Nu blijkt dat deze twee heren een riante oprotpremie hebben gekregen. Dit
kan niet en de staatssecretaris moet er alles aan doen om dit geld terug te krijgen.
Leijten stelde meerdere malen vragen aan de
staatssecretaris om te onderzoeken of de twee bestuurders vervolgd kunnen worden voor het
wanbeheer. Leijten: De staatssecretaris heeft aangegeven dat dit kan via de
ondernemingsraad of de cliëntenraad. Zij heeft telkens laten weten te wachten op hun
verzoek daarvoor. Nog langer wachten kan niet meer. De staatssecretaris moet stoppen met
achterover leunen en zelf aan de slag gaan.
Resultaat behandeling
angststoornissen beter te voorspellen
Promovendus brengt voorspellende factoren
in kaart Moeders die in het verleden genezen zijn van hun angststoornis hebben een
gunstige invloed op de behandeling van een angststoornis van jongeren. Of een kind opknapt
van cognitieve gedragstherapie hangt samen met de manier waarop het kind zijn aandacht
richt op bedreigende dingen. Dit en meer concludeert Jeroen Legerstee van het Erasmus MC
in zijn proefschrift, waar hij op woensdag 17 juni op promoveert. Angststoornissen zijn de
meest voorkomende psychiatrische stoornissen bij kinderen. Ongeveer 10% van alle kinderen
in Nederland heeft een angststoornis. Tevens komen angststoornissen in sommige families
vaker voor dan in anderen. Jeroen Legerstee, psycholoog-onderzoeker op de afdeling Kinder-
en Jeugdpsychiatrie van het Erasmus MC, onderzocht of angststoornissen bij vaders en
moeders het behandelsucces van kinderen beïnvloeden. Bij kinderen hebben angststoornissen
bij ouders geen invloed op het behandelsucces. Bij jongeren daarentegen hebben moeders,
die in het verleden een angststoornis hadden gehad en daarvan genezen waren, een gunstige
invloed op het behandelsucces. 75% van de jongeren is angststoornisvrij na de behandeling
als zij een moeder hebben die genezen is van haar angststoornis. Van de jongeren met een
niet-angstige moeder of een huidig angstige moeder is respectievelijk 18% en 25% genezen
na de behandeling .
Legerstee deed tevens onderzoek naar de
manier waarop kinderen met een angststoornis hun aandacht richten op bedreigende dingen.
Van kinderen met angststoornissen is bekend dat zij geneigd kunnen zijn hun aandacht te
richten op of af te wenden van - bedreigende dingen. Dit wordt ook wel
selectieve aandacht genoemd. Kinderen met een angststoornis, die bij de start
van de behandeling geneigd waren om hun aandacht snel af te wenden van bedreigende dingen,
hebben baat bij cognitieve gedragstherapie. De meeste van deze kinderen zijn opgeknapt na
tien sessies cognitieve gedragstherapie. Kinderen die bij de start van de therapie geneigd
waren om hun aandacht vooral te richten op bedreigende dingen, bleken daarentegen twintig
sessies nodig te hebben. Kinderen die géén selectieve aandacht lieten zien bij de start
van de therapie, hadden over het algemeen geen baat bij cognitieve gedragstherapie. Het
onderzoek vond plaats op de afdelingen kinder- en jeugdpsychiatrie van het Erasmus MC -
Sophia Kinderziekenhuis te Rotterdam en LUMC-Curium te Oegstgeest. 133 Kinderen en 51
jeugdigen bij wie een angststoornis vastgesteld was deden mee aan het onderzoek. Deze
kinderen werden behandeld door middel van cognitieve gedragstherapie (het VRIENDEN
programma).
Is het vaccin tegen
baarmoederhalskanker wel nodig?
Volgens dokter Van Eyken is het ook
economisch onverantwoord om zoveel gemeenschapsgeld te investeren in een campagne waarvan
het effect twijfelachtig is. "Enerzijds gaat de overheid het uitstrijkje, dat 18,89
euro kost, nog maar om de twee of zelfs drie jaar terugbetalen. Anderzijds zou ze wel een
vaccinatie willen financieren die 412 euro per stuk kost. Dat is de prijs van 20
uitstrijkjes!
Link
Cliënten thuiszorg ontevreden over
kwaliteit
Cliënten van de thuiszorg en hun familie
zijn ontevreden over de kwaliteit van de geleverde zorg.
Link
Antwoorden op kamervragen van Van
Gerven over de voorlichting over het baarmoederhalskankervaccin
Antwoorden op kamervragen van Van Gerven
over de voorlichting over het HPV-vaccin
Kamerstuk, 15 juni 2009
De Voorzitter van de Tweede Kamer der
Staten-Generaal Postbus 20018
2500 EA DEN HAAG
Antwoorden van minister Klink op de vragen
van het Kamerlid Van Gerven (SP) over de voorlichting over het HPV-vaccin (Ingezonden 12
maart 2009).
Vraag 1
Deelt u de mening dat de informatie zoals
die in de voorlichtingsfolder van het RIVM te rooskleurig is verwoord en dat daar geen
ruimte wordt gegeven aan de bezwaren die ook de Gezondheidsraad constateerde? Zo nee,
waarom niet? Zo ja, bent u bereid de informatiefolder aan te passen?
Antwoord 1
De informatiefolder is onderdeel van een
pakket aan informatie dat in één keer is aangeboden aan ouders en de meisjes. Dat pakket
bestond uit de uitnodigingsbrief, de folder en de website www.prikenbescherm.nl. Voor deze
vorm is gekozen, omdat niet alle informatie in één folder kon worden gegeven, zonder de
folder te overladen. In dit informatiepakket staat dat vaccinatie niet alle gevallen van
baarmoederhalskanker kan voorkomen en dat vaccinatie bijwerkingen kan hebben.
De Gezondheidsraad heeft voor- en nadelen van de vaccinatie afgewogen en heeft op grond
daarvan geadviseerd om inenting tegen baarmoederhalskanker op te nemen in het
Rijksvaccinatieprogramma en een inhaalcampagne te organiseren voor 13- tot en met
16-jarige meisjes. In haar advies heeft de Gezondheidsraad één argument gegeven tegen
opname van HPV-vaccinatie in het RVP (zie GR-rapport blz. 79 `Wat pleit tegen?'). Door de
hoge marktprijs van het vaccin was invoering niet kosteneffectief. Deze informatie is
echter niet relevant voor meisjes en hun ouders in de afweging om de dochter al dan niet
op individuele basis tegen HPV te beschermen en is daarom niet opgenomen in het
informatiepakket.
Vraag 2
Erkent u dat de folder te veel een
schijnzekerheid geeft aan meisjes? Deelt u de mening dat in de folder op zijn minst
informatie over het voorkomen van seksueel overdraagbare aandoeningen (soa's) en dus ook
andere varianten van het HPV-virus in de folder had moeten staan? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 2
Zoals ook bij het antwoord bij vraag 1 is
aangegeven, vormt de folder één onderdeel van een aangeboden informatiepakket. In zijn
geheel komt naar voren dat vaccinatie niet alle gevallen van baarmoederhalskanker kan
voorkomen en dat vaccinatie bijwerkingen kan hebben. Aangegeven wordt dat de vaccinatie
beschermt tegen twee typen HPV die baarmoederhalskanker veroorzaken en niet tegen andere
HPV-typen die ziekte veroorzaken.
Deze mededelingen staan in de folder en op de website wordt hier meer gedetailleerd op
ingegaan.
De folder en de website zijn bedoeld voor
het geven van informatie over het HPV-virus, baarmoederhalskanker en de vaccinatie tegen
beide. In principe is het informatiepakket niet opgezet om informatie over andere ziekten
te geven. Wel staat op de website dat veilig vrijen belangrijk is en blijft, wegens andere
soa.
Vraag 3
Waarom is in de folder geen aandacht
besteed aan de blijvende noodzaak van het bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker,
mede gezien het feit dat de folder zowel voor de moeder als dochter is bedoeld? Vindt u
niet dat hier een kans is blijven liggen om het nut van periodieke uitstrijkjes te
benadrukken, ook bijvoorbeeld voor de nu moeilijk bereikbare groep van allochtone vrouwen?
Antwoord 3
Op de website kunnen ouders en dochters
vinden dat het `uitstrijkje' belangrijk is en blijft. Het is echter effectiever hierover
met de meisjes te communiceren als ze worden uitgenodigd voor het bevolkingsonderzoek naar
baarmoederhalskanker. Overigens is niet duidelijk hoe het bevolkingsonderzoek er uit zal
zien over veertien tot achttien jaar, wanneer de eerste meisjes die nu in de campagne
worden gevaccineerd daarvoor in aanmerking komen. Het is belangrijk om tegen die tijd de
meisjes (dan vrouwen) goed te informeren over nut en noodzaak van deelname aan een dan
bestaand programma.
De meeste moeders van meisjes in de
leeftijd van 12 tot en met 16 jaar, vallen in de leeftijdscategorie vrouwen die nu in
aanmerking komen voor een `uitstrijkje'. Er is voor gekozen om moeders via de oproep voor
het bevolkingsonderzoekbaarmoeder¬hals¬kanker te wijzen op het belang van dit onderzoek
na vaccinatie. Daarnaast worden ouders, met name moeders, geïnformeerd via `human
interest' bladen. Bovendien is samenwerking gezocht met het Nederlands
Huisartsengenootschap om huisartspraktijken, waar uitstrijkjes worden afgenomen, van
informatie te voorzien, zodat zij vragen hierover adequaat kunnen beantwoorden. Ook zijn
de Nederlandse Vereniging voor Dokters Assistenten en de Nederlandse Vereniging voor
Obstetrie en Gynaecologie benaderd, omdat ook daar vragen van moeders verwacht kunnen
worden.
Vraag 4
Erkent u dat op grond van de Wet
geneeskundige behandelingsoverkomst (WGBO) jongeren tussen de 12 en de 16 alleen met
instemming van hun ouder(s) of voogd(en) zich mogen laten vaccineren? Zo ja, erkent u dat
de informatie in de folder niet klopt? Zo ja, bent u bereid deze aan te passen? Zo nee,
waarom niet?
Is juridisch uitgezocht dat dit kon/mocht.
Antwoord 4
Ik verwijs hier naar antwoorden op eerdere
vragen hierover van Kamerlid Wiegman-van Meppelen Scheppink van 23 februari 2009.
Vraag 5
Wat is uw reactie op het bericht dat de
relatief lage opkomst bij HPV-vaccinatie te wijten is aan Indianenverhalen? 1)
Antwoord 5
Naar mijn mening zou het lage opkomst
percentage heel goed een gevolg kunnen zijn van de indianenverhalen die de ronde doen. In
de voorbereidingen hebben wij niet voldoende rekening gehouden met de dynamiek die de
invoering van dit vaccin te weeg heeft gebracht. Ik heb u inmiddels toegezegd dat ik het
proces zal laten evalueren.
Vraag 6
Erkent u dat, wanneer zorgvuldige en een
onbetwiste beslissing voor grootschalige vaccinatie had plaatsgevonden, deze
indianenverhalen geen makkelijke voedingsbodem hadden gehad? Zo nee, waarom niet?
Antwoord 6
Mijn beslissing om over te gaan tot de
vaccinatie is genomen op advies van de Gezondheidsraad. Deze heeft uitgebreid onderzoek
gedaan en alle wetenschappelijke informatie gewogen en beoordeeld. Het besluit is zeer
zorgvuldig genomen.
1) NRC Handelsblad, 10 maart 2009:
"Zestig pct meisjes haalt vaccinatie"
Toelichting:
Deze vragen dienen ter aanvulling op eerdere vragen ter zake van het lid Van der Vlies
(SGP), ingezonden 11 maart 2009 (vraagnummer 2009Z04382)